Link gekopieerd

B-sure

to read this

Maak een afspraak

B-sure het laatste nieuws

IPT VS LIQUIDATIERESERVES: WHO IS REALLY A WINNER?

Nu sinterklaas bijna in het land is en de etalages van de winkelstraten stilaan worden versierd met feestkleding en blinkende decoratie, weten wij dat het einde van het jaar stilaan in zicht komt. Voor menig mensen betekent het naderen van het einde van het jaar, de start van de feestperiode. Voor ondernemers betekent het einde van het jaar de periode om het resultaat van de vennootschap te optimaliseren.

De vraag rijst hier: “Op welke manier doe ik dit vandaag het beste?”

DE AANLEG VAN LIQUIDATIERESERVES

Indien u deze vraag stelt aan uw accountant voor uw KMO, zal een accountant u vaak voorstellen om liquidatiereserves aan te leggen voor de gehele of een gedeelte van de winst. Het aanleggen van liquidatiereserves is immers het meest voor de hand liggend. Een gedeelte of de gehele winst wordt dan gereserveerd op de balans totdat men deze winst effectief fiscaal voordelig kan uitkeren na 5 jaren.

Bij aanleg van de liquidatiereserve zal er een afzonderlijke heffing (onder de vorm van vennootschapsbelasting) ten bedrage van 10% verschuldigd zijn. Deze afzonderlijke heffing vormt een niet-aftrekbare kost voor uw vennootschap.

Indien de reserves vervolgens worden uitgekeerd naar aanleiding van liquidatie van de vennootschap, betaalt u hierop géén bijkomende roerende voorheffing.

Indien de aangelegde reserves worden uitgekeerd onder de vorm van een dividend, dan betaalt u geen 30% roerende voorheffing, maar een verlaagd percentage op basis van hoelang uw reserves binnen de vennootschap gereserveerd zijn gebleven. Indien de aangelegde reserves worden uitgekeerd méér dan 5 jaar nadat ze werden aangelegd, dan betaald u slechts 5% roerende voorheffing op moment van uitkering.

Indien u de reserves binnen de 5 jaar na aanleg zou opnemen, dan betaalt u 17% of 20% roerende voorheffing.

Indien u dus na 5 jaar de gereserveerde winst zou uitkeren, dan zou de totale belastingdruk 15% bedragen, ipv 30% roerende voorheffing indien u de winst onmiddellijk zou hebben uitgekeerd.

Een goede fiscale optimalisatie lijkt ons…

DE IPT

Een andere manier om het resultaat van de vennootschap te optimaliseren is de IPT of de individuele pensioentoezegging. De IPT is niet alleen een instrument om een aanvullend pensioen op te bouwen, de IPT kan ook aangewend worden om het resultaat fiscaal te optimaliseren.

Naast de periodieke premies kan men ook een éénmalige premie storten binnen de IPT. Deze éénmalige premie is een soort “inhaalpremie” voor de verleden dienstjaren binnen en buiten de vennootschap (beperkt tot 10 jaar), berekend op basis van de huidige bruto bezoldiging.

Via deze éénmalige backservice kan men dus een gedeelte of de gehele winst fiscaal voordelig wegwerken uit de vennootschap.

Mits de 80%-regel wordt nageleefd, is de premie van de IPT voor 100% aftrekbaar in de vennootschapsbelasting en is de taxatie op einddatum voordelig, namelijk 15,55% (+ gemeentebelasting) op het contractueel gevormd kapitaal.

Het nadeel van de IPT is echter dat het gespaarde kapitaal vaststaat tot aan de pensioenleeftijd van de verzekerde, waardoor het kapitaal binnen de IPT niet vervroegd kan afgekocht worden.

Er kan wel steeds tot 70% van de gespaarde reserves als voorschot opgenomen worden ter financiering van onroerende doeleinden, zoals de aankoop van een buitenverblijf of de aanleg van een zwembad tegen de zomer van 2019 bijvoorbeeld…

Kortom de IPT is ook een goede optimalisatie…, maar welke is nu het voordeligst?

DE AANLEG VAN LIQUIDATIERESERVES VS DE IPT

Om na te gaan welke van deze twee mogelijkheden fiscaal gezien het meest interessant is, dienen wij deze twee technieken naast elkaar te plaatsen om een duidelijk overzicht te krijgen:

 

Indien wij rekening houden met alle kosten en taksen, dan kunnen wij stellen dat de IPT interessanter zal zijn dan de aanleg van liquidatie reserve, zowel bij het normale tarief van vennootschapsbelasting als voor het verlaagd tarief van vennootschapsbelasting.

CONCLUSIE

Voor ondernemers is het vandaag het interessantst om vooraleerst gebruik te maken van de IPT om het fiscaal resultaat van de vennootschap te optimaliseren. Wanneer de IPT volledig werd benut, is het vervolgens zeker interessant om liquidatiereserves aan te leggen.

Zoals het er nu naar uitziet is 2018 het jaar bij uitstek om nog de IPT volledig te benutten. Vanaf 2019 wil de regering immers de 80%-berekening van de IPT verscherpen. De huidige regering is van mening dat de 80% regel berekend zou dienen te worden op basis van een gemiddelde bezoldiging over een langere periode, in plaats van op basis van de huidige bruto bezoldiging. Hierdoor zou de beschikbare ruimte binnen de IPT wel eens drastisch verlaagd kunnen worden, waardoor men beperkter fiscaal kan optimaliseren.

As you can see, the winner takes it all…